skip to Main Content

Martijn Borsboom

“De rust die ik nu in me heb, zou ik niet meer kwijt willen” 

Martijn Borsboom (45) werkte tot voor enkele jaren geleden bij Info-Meer in Breda. Bij de fusie met CHE tot Centrum FAMEUS is hij als vrijwilliger gaan werken, deels bij FAMEUS zelfs, deels bij afdeling communicatie van GGz Breburg. In dit interview vertelt hij hoe hij stukje bij beetje actiever werd, meer zelfvertrouwen kreeg en meer taken op zich nam. “Vooral de afgelopen jaren ben ik flink vooruitgegaan.” 

Martijn Borsboom (45) werkte tot voor enkele jaren geleden bij Info-Meer in Breda. Bij de fusie met CHE tot Centrum FAMEUS is hij als vrijwilliger gaan werken, deels bij FAMEUS zelfs, deels bij afdeling communicatie. In dit interview vertelt hij hoe hij stukje bij beetje actiever werd, meer zelfvertrouwen kreeg en meer taken op zich nam. “Vooral de afgelopen jaren ben ik flink vooruitgegaan.” 

“Ik heb een gelukkige jeugd gehad. Wel waren er aanwijzingen dat ik anders was dan mijn broers. Zo’n drie keer per jaar droomde ik weg tijdens schoolpauzes en zat ik in een andere werkelijkheid. Pas als de les weer begon en ik mijn gedachten moest verzetten, kwam ik er weer uit. Achteraf bleken dat gewoon wanen te zijn geweest: grootheidswanen, achtervolgingswanen.  Omdat het echter zo weinig voorkwam, heb ik nooit aan iemand gevraagd of er iets met me aan de hand was. Ik had er ook nooit voorlichting over gehad.” 

“Na het vwo ging ik geschiedenis studeren van de Universiteit van Amsterdam. Dat gaf problemen, omdat er weinig structuur werd geboden en veel werd overgelaten aan je eigen initiatief. Ook moest ik veel communiceren met medestudenten, en daar was ik niet zo goed in. Ik heb mijn propedeuse bijna gehaald, maar de studie heb ik niet afgemaakt.”  

Martijn werd verslaggever bij Veronica. Daarna ging hij werken bij een reclameadviesbureau in Rotterdam. “Dat werk (onderzoek, teksten schrijven, concepten ontwikkelen) lag me wel en ging erg goed. Ik was echter ook erg eigenwijs, omdat ik sociaal niet zo slim was. Toen ik na een aantal jaar ging freelancen, ging het helemaal fout. Ik maakte steeds meer ruzie met collega’s, vrienden en familie en vereenzaamde. Uiteindelijk bleek ik vol te zitten met wanen. Een jaar lang liep ik psychotisch rond, zonder behandeling. Omdat ik echter geen gevaar vormde, werd ik niet opgenomen. Alleen mijn ouders en mijn broers zagen dat het niet goed ging. Uiteindelijk werd ik na een jaar tóch opgenomen. Na een week in Capelle aan de IJssel (Bavo) ging ik naar het Erasmus MC in Rotterdam. Dat is een heel goede inrichting die zijn tijd vooruit was. Terwijl ik bij de Bavo een week in de separeer zat, mocht ik in Rotterdam gewoon naar mijn eigen kamer en meedoen met lunch en avondeten.  Het was wel een gesloten afdeling, maar het beleid was veel menselijker dan op de Bavo. Wel kreeg ik dwangmedicatie, omdat ik weigerde om medicatie in te nemen. Dat hielp heel snel: al na anderhalve dag was ik uit mijn waan en was ik weer helder. Dat was heel vreemd.” 

Na nog een paar weken observatie mocht Martijn weer naar huis. “Het was fijn dat ik weer onder de mensen kon zijn. Wel was ik mijn huis, mijn baan en mijn vrienden kwijt en moest ik helemaal opnieuw beginnen. Na een tijdje bij mijn ouders ging ik weer op mezelf wonen en maakte ik een nieuwe start met werken en studeren. Ik schreef een wijkkrant vol en ging in 2006 deeltijd communicatie studeren bij Avans. Een dag in de week ging ik naar school en de rest van de tijd studeerde ik thuis. Alles ging goed tot ik in 2009 mijn derde jaar gehaald had. De ggz vond dat het zo goed met me ging dat ze mijn medicatie en mijn begeleiding stopten. Dat was heel slecht en ik werd weer psychotisch. Pas na twee opnames was ik weer helemaal bij de les. Ik zat echter zwaar onder de medicijnen en was heel depressief en lusteloos. Ik sliep veel en had zelfmoordgedachten; het was echt een ellende.” 

Cursus als eye-opener 

“Via mijn trajectbegeleider kwam ik begin 2011 bij Info-Meer terecht, waar ze iemand voor op het kantoor zochten. Dat sloot enigszins aan op mijn eigen leefwereld; ook zat ik onder gelijkgestemden. Ik begon met 1 ochtend in de week en schreef dan hooguit een persbericht of een kort stukje. Dat was al heel zwaar; ik moest me er elke week toe zetten. Soms ging ik ook gewoon niet, omdat ik te moe was. Die vermoeidheid kwam mede door de medicatie. Ook kost een psychose veel kracht van je hersenen; dat moet zich herstellen. De hele dag was ik moe en futloos; ook had ik veel behoefte aan slaap. Slapen is natuurlijk wel fijn, maar het is ook wel fijn om weer actief bezig te zijn. 

Op advies van mijn spv’er van het FACT-team volgde ik medio 2012 de cursus ‘Herstellen doe je zelf’ bij het CHE in Tilburg; dat was echt een eyeopener. Er waren mensen die al zeven jaar uit de kliniek waren; ze hadden het over werk, het minderen van medicijnen en relaties. Vooral die eerste twee zag ik wel zitten. Toen ik aan mijn psychiater vroeg of ik mijn medicijnen kon minderen, vond hij dat een goed idee. Temeer daar ik zo veel medicijnen had met zo veel bijwerkingen. Eerder had ik dat niet gedurfd, omdat ik al een keer zonder medicatie had gezeten. Ik had echter die klankspiegel nodig om te horen dat ik het kon. Eerst had ik elke twee weken een depot van 100 mg; dat ging geleidelijk terug naar 40 mg. Daardoor werd ik steeds actiever en levendiger. Zo ging ik binnen Info-Meer meer taken doen; zo was ik actief betrokken bij het fusieproces met het CHE. Na de fusie verhuisden we in september 2015 naar de FAAM-fabriek. Zelf vond ik die verhuizing wel prettig, omdat er dingen professioneel geregeld waren (zoals betere computers en een eigen e-mailadres) en er veel meer structuur was. Ik trok ook geleidelijk steeds meer taken naar me toe; dat vond ik heel plezierig. Overigens was Bram Berkvens [manager bij FAMEUS, SdL] echt een voorbeeld voor me. Hij heeft dezelfde diagnose als ik (schizofrenie), maar heeft nu een drukke baan. Ik dacht: hij kan het wel; waarom zou ik het dan níet kunnen?” 

Grote stappen 

 “FAMEUS vergrootte ook mijn wereld, doordat ik met veel meer mensen in aanraking kwam dan het kleine wereldje van Info-Meer. Dat stimuleerde mijn geest; ook ging ik steeds meer meedoen. Mijn voornaamste taak was het schrijven van teksten voor de website; dat vond ik leuk. Ik ben ervoor opgeleid en heb ervaring; dus waarom zou ik het niet gewoon doen? Ooit hoop ik weer betaald werk te krijgen, en dit is voor mij de eerste opstap. 

Dat alles heeft te maken met het minderen van mijn medicatie. Ook heb ik weinig last meer van negatieve symptomen zoals depressie en lusteloosheid. Dat hing samen met het feit dat ik (mede door sociale druk en door druk die ik mezelf oplegde) bezig moest blijven. Alleen maar thuisblijven, tv kijken en boekjes lezen is niet voldoende; je moet ook onder de mensen komen. Info-Meer heeft hier een rol in gespeeld, maar vooral bij FAMEUS heb ik echt grote stappen gezet. Het was een ontwikkelingsgang, waarbij ik steeds meer zelfvertrouwen kreeg. Maar ik heb in mijn werkzame leven opdrachten gedaan voor grote bedrijven als ING, Robeco en Nokia; ik heb het dus ooit in mijn vingers gehad. Verder ben ik best gelukkig zoals ik me nu voel. Het medicijn dat ik heb, is deels een antipsychoticum, maar heeft ook een afvlakkende werking; dat geeft een basisgevoel van rust. De rust die ik nu in me heb, zou ik niet meer kwijt willen. 

Bij Info-Meer kon ik me er vaak niet toe zetten om dingen af te werken, ook omdat we te weinig werkplekken hadden. Bij FAMEUS kun je echter meteen een computer pakken. Ook heb ik nu een werkervaringsplek bij afdeling communicatie van GGz Breburg. Ik weet nog niet waar dat op uitloopt, maar het wordt positief ontvangen en het bevalt me goed. Ik zit nog niet echt vol qua werkzaamheden, maar zodra de website opgeleverd moet worden, komt er flink wat bij. Ook kan ik nu zelf berichten op de website plaatsen; Dat vind ik wel leuk, want ik hou wel van teksten schrijven. Ook help ik mee om een concept voor de website te ontwikkelen.” 

Veilige omgeving 

 “Voor mij is FAMEUS een veilige omgeving waar je je kunt ontwikkelen en je grenzen kunt leren verleggen, om zo weerbaarder en veerkrachtiger te worden. Zelf ben ik er bewust mee bezig geweest om steeds actiever te worden. Als er iets langskomt dat ik leuk vind, pak ik dat op. Wat de toekomst betreft kijk ik wel hoe het verder loopt. Pas besprak ik met mijn trajectbegeleider mijn rechten op een uitkering als ik weer ga werken. Kan ik bijvoorbeeld ergens 12 uur per week gaan werken of gaan freelancen? Ook heb ik nog geen pensioen opgebouwd, terwijl ik toch wat financiële zekerheid wil hebben voor de toekomst. Het liefste wil ik echter werken bij een grote organisatie zoals de gemeente of de ggz, bij voorkeur in de publieke sector. Dat geeft vastigheid en zekerheid. GGz Breburg is een goede organisatie waar ik graag wil werken, maar daar is momenteel weinig ruimte. Je moet ook verder kijken. Het is echter moeilijk om aan de slag te komen, en ik heb al 10 jaar geen sollicitatiebrief meer geschreven. Dit najaar verhuis ik naar Breda; dat gaat eerst voor. Daarna ga ik serieus kijken naar werk en toekomst.  

In een paar jaar tijd ben ik flink vooruitgegaan. Voor mijn omgeving is het wel even wennen, maar ze pakken het positief op. Ik voel dat ik gegroeid ben, ook in mijn persoonlijkheid. Vroeger zat er veel onrust in mijn hoofd; dat heb ik nu niet meer. Er is ook veel meer helderheid. Regelmatig neem ik nu een week vrij als ik een tijdje hard heb gewerkt. Dat is een van de dingen die ik heb geleerd bij FAMEUS: op tijd een stapje terugnemen. Even wat minder afspraken, even wat minder druk; zo kan ik even bijkomen. Vooral muziek luisteren helpt om weer tot rust te komen.”

Back To Top